Problematisch gedrag

probleem

De schoolstructuur en leerkrachten stellen voortdurend grenzen aan het gedrag van leerlingen.
Dat leerlingen botsen tegen die grenzen en soms over die grens gaan, maakt deel uit van een normaal opvoedingsproces. Even normaal is het dat leerlingen daarop gewezen worden en/of daarvoor een bijsturing, indien nodig, een sanctie krijgen.
De meeste leerlingen kunnen zich op één of andere manier schikken naar de schoolafspraken. Maar binnen elke schoolomgeving ontmoeten we ook leerlingen die voortdurend in conflict komen, die duidelijk hun draai niet vinden tussen hun leeftijdsgenoten en binnen de school.

Wanneer maken we ons binnen onze school echt zorgen?

Signalen bij de jongere(n)

    • frequentie: komt de leerling vaak in aanvaring met andere leerlingen en personeelsleden? Verkeert de leerling meermaals per dag in de onmogelijkheid om de lessen bij te wonen? Wordt deze leerling dagelijks één of meerdere keren gestraft? Botst de leerling met verschillende personeelsleden en verantwoordelijken binnen de school?..
    • duur: zijn de problemen al lang aan de gang, enkele weken, enkele maanden? Wat zijn de gegevens vanuit het leerlingendossier?
    • omvang: soms zeggen leerkrachten over een leerling dat hij/zij ‘overal bij is als er iets verkeerd loopt’. Een leerling maakt bijvoorbeeld vaak ruzie met andere leerlingen, vernielt, spreekt tegen, haalt het bloed onder de nagels van de leerkrachten, saboteert het lesverloop, …
    • ernst van het gedrag: veel leerlingen maken wel eens ruzie of maken soms eens iets stuk. Een probleem wordt het wanneer bijvoorbeeld deze leerling iemand slaat om echt keihard pijn te doen, of materiaal van de school of eigendommen van andere mensen ‘gericht’ vernielt

Signalen bij de personeelsleden

Soms geven de personeelsleden zelf aan dat ze geen uitweg meer zien. Dat alles geprobeerd is en niets iets uitgehaald heeft. Dan overheerst een gevoel van machteloosheid. In een dergelijke situatie verzuurt de relatie met de leerling. Men kan dan nog nauwelijks iets positiefs over de leerling zeggen of samen met hem/haar iets positiefs beleven. We spreken hier over ‘hardnekkige conflicten’ waarbij ons dagelijks pedagogisch handelen binnen de schoolmuren niet het beoogde effect heeft. Met als gevolg dat

    • de relatie tussen de leerling en de leerkracht verzuurt
    • leerkrachten met de handen in het haar zitten
    • er veel energie in een ‘uitzichtloze’ situatie kruipt
    • het team geen perspectief lijkt te zien
    • er een gewenningseffect optreedt: de leerkracht reageert niet meer